Het Roda-Hart
Kaalheide. Parkeerplaats. Oudere man, blauwe pet, witte baard.
Hé!
Goeiemorgen meneer.
Ben je nog normaal?
Ja, hoezo?
Gewoon.
Wat gewoon?
Nou, ik vind het niet normaal dat je altijd zo negatief over Roda schrijft.
Ik schrijf niet over Roda.
Jawel, dat Roda-hart van je.
O, dat.
Heb jij eigenlijk wel echt hart voor Roda?
Nee, niet echt.
Waarom schrijf je die column dan?
Omdat je geen hart voor Roda hoeft te hebben om die column te schrijven.
Nu snap ik er niks meer van.
Moet ik het uitleggen?'
Nee, laat maar. Jullie zijn toch altijd negatief.
Dat is niet waar.
Dat is wél waar.
Maar waar doelt u dan op?
Op die column over Nol Hendriks.
Ik heb geen column over Nol Hendriks geschreven, meneer.
Jawel, niet tegen me liegen.
Ik lieg niet. Eentje ging over de architect van het stadion, eentje over Edwin Vurens, de derde over Theo Pickée.
En de vierde over Hendriks. Weet je wel wat die man voor de club heeft gedaan?
Ja, dat weet ik.
Nou dan.
Echt niet meneer. Ik heb geen column over Hendriks geschreven.
Ik heb het toch gehoord.
Van wie?
Dat maakt niks uit.
Aha. Dag meneer.
Met dank aan Ivo Kok.